Column
Homohaat? Intimidatie door de politie, een bizar verhaal.
Er zijn momenten in een leven waarop de wereld niet met een klap breekt, maar langzaam verschuift. Niet zichtbaar in één gebeurtenis, maar in een opeenstapeling van kleine verstoringen die samen iets fundamenteels aantasten: vertrouwen.
Voor mij begon dat rond 2017.
In het begin waren het losse technische problemen. Accounts die zich vreemd gedroegen. Toegang die instabiel werd. Systemen die ik nodig had voor mijn werk die plots niet meer voorspelbaar waren. Als ondernemer in de digitale sector ga je er automatisch van uit dat de oorzaak bij jezelf ligt: een fout, een misconfiguratie, een vergissing. Dat is ook de enige manier waarop je door kunt blijven functioneren.
Maar na verloop van tijd veranderde de aard van die ervaringen. En wat het moeilijk maakte, was niet alleen de technische verstoring zelf, maar de manier waarop die verstoring zich liet interpreteren. Er waren momenten waarop gebeurtenissen zo samenvielen dat ze voor mij een gevoel opriepen dat moeilijk te negeren was: alsof er iets in mijn digitale omgeving op mij reageerde.
Na verloop van tijd kreeg ik ook de ervaring dat er in digitale en sociale interacties expliciet zware en voor mij zeer belastende beschuldigingen richting mij zijn geuit. Zo heb ik meegemaakt dat ik in directe communicatie en contexten waarin ik mij bevond, werd aangeduid met termen die mij in verband brachten met pedofilie.
Het werd niet één incident, maar een patroon van herhaling. Ik kreeg dagelijks te maken met bizarre vormen van digitale intimidatie. Wallpapers die veranderden in een gevangenis met Nederlandse vlag, cryptografische omschrijvingen die mijn reactie moesten peilen, bewerkte foto's en video's, nep-krantenartikelen die beweerden dat ik lid van de mocromaffia zou zijn; ik werd vergeleken met een pedofiel en geconfronteerd met andere bizarre verhalen.
Voor mij was dat buitengewoon schokkend en ontwrichtend. Niet alleen vanwege de inhoud van die beschuldigingen, maar ook vanwege de manier waarop zulke kwalificaties in een digitale omgeving kunnen ontstaan, circuleren of blijven hangen zonder dat voor mij duidelijk was op welke grondslag, context of autoriteit dit gebeurde.
Wat deze ervaring extra zwaar maakte, is dat er voor mij geen transparant kader zichtbaar was waarin ik kon begrijpen waar zulke uitingen vandaan kwamen of hoe ze zich verhielden tot formele processen. Juist dat gebrek aan helderheid heeft bijgedragen aan een langdurig gevoel van onzekerheid en spanning.
Ongeloof: meer dan 100 brieven verstuurd naar alle mogelijke instanties, achtmaal aangifte gedaan tegen de politie; digitaal via internet, en een dag na het indienen waren deze netjes verwijderd. Alsof ik het nooit had ingediend. Is dat niet crimineel? Tevens heb ik driemaal getracht aangifte te doen op het bureau Burgwallen in Amsterdam. Ik werd daar weggestuurd; ik mocht geen aangifte doen.
Wat volgt wanneer zo'n geheel van ervaringen zich opstapelt, is iets anders dan een technisch probleem. Het wordt een mentale toestand. Een voortdurende poging om grip te krijgen op iets dat zich niet eenduidig laat verklaren. En dat vreet energie, concentratie en uiteindelijk ook vertrouwen in de infrastructuur waarop je werk rust.
Ik ben alles kwijtgeraakt: een bedrijf dat een omzet had van 30.000 euro per maand, Bioherby, mijn positiviteit en mijn leven. Dit heeft zich geuit in een complexe PTSS, waar ik negen jaar later nog steeds last van heb; dagelijks nachtmerries en depressiviteit. Ik heb besloten om nu, anno 2026, MRI-therapie te gaan volgen, in de hoop ooit dit trauma achter me te kunnen laten.
Om onderzoek te kunnen doen naar deze hack en digitale intimidatie, ben ik in 2023 de opleiding cybersecurity op de HvA gestart, die ik met goed resultaat heb afgerond, met een cum-laude cijferlijst van 8,02.
Maar belangrijker dan het diploma was het perspectief dat erbij kwam: systemen zijn geen mysterie. Ze zijn opgebouwd uit lagen, logica en menselijke keuzes. En alles wat gebouwd is, kan ook worden onderzocht. Zo heb ik recent ontdekt dat men recht heeft op inzage in politiedossiers, als men hierin genoemd wordt. Ik heb nu meerdere dossieraanvragen gedaan bij het Openbaar Ministerie en de politie, onder andere via mijn raadsman.
De WJSG/AVG/WPG- en WOO-verzoeken: "Het recht om inzage te verkrijgen in alle persoonsgegevens, politiegegevens en overheidsdocumentatie die op mij betrekking hebben, alsmede inzicht in de verwerking, verstrekking, herkomst en eventuele uitwisseling daarvan, ongeacht of deze gegevens nationaal of internationaal zijn verwerkt."
En onderzoek begint altijd bij de bereidheid om te vragen: wat is er feitelijk bekend, en wat niet? De politie heeft hier de wet duidelijk overschreden, sterker nog: meerdere onderzoeken wijzen uit dat er sprake is van illegale opsporingsmethoden, die in geen enkel Europees land zouden zijn toegestaan.
Wordt vervolgd. Lees meer op GayJustice.org over dit verhaal.